Farley Mowat – een legende

12 mei 2012

Ter ere van de verjaardag van onze geliefde internationaal voorzitter, Farley Mowat, op 12 mei, heeft kapitein Alex Cornelissen een eerbetoon geschreven aan onderzoeksschip Farley Mowat – het vlaggenschip van Sea Shepherd van 2002 tot 2008

 

Farley Mowat – een legende

Door Kapitein Alex Cornelissen

Vier jaar geleden, tijdens de Zeehondencampagne van 2008, stapte ik voor het laatst aan boord van Sea Shepherd’s vlaggenschip de Farley Mowat. Eerste officier Peter Hammarstedt en ik waren net uit de gevangenis vrijgelaten. We hadden namelijk de verschrikkelijke misdaad begaan om zonder vergunning getuige te zijn van de Canadese zeehondenjacht. Volgens de Canadese wet moet je een vergunning hebben om het doden van zeehonden te aanschouwen en te documenteren. Onze internationaal voorzitter, de heer Farley Mowat, was zo genereus onze borgtocht te betalen en naar goed piratengebruik betaalde kapitein Paul Watson de borg in munten. De Canadese autoriteiten legden voor de kust van Newfoundland beslag op de boot. Momenteel ligt het schip aangemeerd in Nova Scotia.

Goodbye to the FarleyAfscheid van de Farley

We mochten nog net onze persoonlijke bezittingen uit het schip halen voor we levenslang Canada werden uitgezet. Ik herinner me mijn laatste momenten aan boord van dat schip, dat zes jaar lang mijn thuis geweest was, als de dag van gisteren. Het was goed te zien dat we echt alles en meer uit het vaartuig hadden gehaald. De Farley Mowat was overduidelijk aan zijn pensioen toe.

close to retirementBijna met pensioen

De beginperiode van de Farley

welded name on sternDe naam gelast op de achtersteven

Het schip werd in 1958 gebouwd als een Noorse treiler voor visserijonderzoek, met de naam Johan Hjort. In 1983 kreeg het een nieuwe naam: Skandi Ocean (je kunt deze naam nog steeds in de achtersteven gelast zien staan).

Het schip werd in de beginperiode van zijn bestaan ingezet als spionagevaartuig, op de uitkijk naar Russische onderzeeërs in de Baltische Zee. Na een enorme verbouwing in 1991 fungeerde het vaartuig als reddings- en stand-by schip voor een boorplatform. Uiteindelijk kwam het schip in bezit van Sea Shepherd in 1996. Hier kreeg het eerst de naam Sea Shepherd III en werd daarna omgedoopt tot Ocean Warrior. Uiteindelijk kreeg het schip de naam Farley Mowat.

Ik sloot me voor het eerst aan bij het Farley-team op de Galapagos eilanden in juli 2002, slechts een paar weken nadat het schip zijn nieuwe naam had gekregen. Ik zal nooit mijn eerste nacht op zee vergeten. We hadden de Galapagos rond middernacht verlaten. Sommigen van ons waren nog wakker toen we de eerste dolfijnen van die tocht zouden zien. Tot ons plezier zagen we de Farley door water glijden dat wemelde van bioluminescentie. Het was geweldig om te zien hoe de dolfijnen als ‘geesten’ aan het surfen waren op de boeggolf, omgeven door licht.

Ik heb daarna vaker bioluminescentie gezien, maar slechts een paar keer tegelijk met de aanwezigheid van dolfijnen. Een paar uur na dit wonderbaarlijke voorval vonden we een illegale longline, ruim binnen het Galapagos Marine Reserve. We begonnen haak na haak in te halen en bevrijdden haaien, tonijnen en een schildpad. Ik was als eerste in het water om de schildpad van de dood te redden en toen hij wegzwom wist ik zeker dat ik me bij de juiste organisatie had aangesloten.

Alex freeing turtleAlex bevrijdt een schildpad

De Farley voer door naar Frans Polynesië en Nieuw-Zeeland. Hier bereidden we het schip voor om de eerste van vele Antarcticacampagnes tegen de Japanse walvisvloot te gaan voeren.

Antarctica 2002 French baseFranse basis op Antarctica

De daaropvolgende jaren bracht de Farley ons over de hele wereld, om campagnes te voeren waar we het hardst nodig waren. We beschermden wilde dieren in Galapagos, Frans Polynesië, de Cook eilanden, Kiribati, Malpelo, Brazilië, Canada, Zuid-Afrika en Antarctica. We bevrijdden dieren als dolfijnen, zeehonden, walvissen, haaien, schildpadden, roggen en vissen in de Zuidelijke, Indische, Atlantische en Stille Oceaan.

Tijdens de Zeehondencampagne in 2005 ging het bijna afschuwelijk mis. We kregen een gat in de romp – we dreigden te zinken – en waren dagen verwijderd van land. Onze pompen konden de druk van het water, dat het schip binnendrong, niet aan. We hadden geen andere keuze dan onder het schip te duiken, ondanks de ruwe zee. Alleen door puur geluk werden we niet bewusteloos geslagen tegen de romp. Tegen alle verwachtingen in vond ik het gat, ongeveer ter grootte van een munt, en we drukten er een wig in. Omdat ik Nederlander ben, kreeg ik natuurlijk gedurende de rest van de campagne de bijnaam Hans Brinker.

chief pointing at hole in hullDe chef wijst naar een gat in de romp drydock in JacksonvilleDroogdok in Jacksonville

Na een succesvolle zeehondencampagne en een nog succesvoller (en zeer nodig) droogdok, keerden we terug voor onze tweede Antarcticacampagne. Deze keer stuurden onze Australische supporters ons goed voorbereid op pad. Het is een zeer gepassioneerde supportersgroep die sindsdien alleen maar groter is geworden.

Farley Mowat and Robert HunterFarley Mowat en Robert Hunter
Antarctica 2005 2006Antarctica 2005 2006

Het leven aan boord begon voor mij als chef-kok, maar het duurde niet lang voor ik opklom naar de brug. Na alle rangen doorlopen te hebben, werd ik door Paul benoemd tot kapitein van de Farley Mowat in februari 2006 en kreeg onmiddellijk een enorme uitdaging voor mijn kiezen. De Farley was in politieke hechtenis genomen in Kaapstad, Zuid-Afrika, en alle onderhandelingen over een vertrek waren op niets uitgelopen. Mijn eerste daad als kapitein was de Farley uit de haven van Kaapstad te varen, onder dekking van de duisternis. We hadden natuurlijk geen toestemming hiervoor, dus als we betrapt werden betekende dit vrijwel zeker gevangenisstraf. Paul had eerder die dag tegen me gezegd: “Wat je ook doet, stop voor niemand.” Sinds die tijd heb ik dit advies vaak ter harte genomen. Het lukte ons om weg te komen en we werden als helden onthaald in Australië. De burgemeester van Fremantle gaf de Farley Mowat de sleutel van de stad en een ereplaats in de haven.

In de loop der jaren hebben we met de Farley Mowat stormen meegemaakt, die me koude rillingen bezorgden. Golven tot 15 meter hoog waren zeker geen uitzondering. Regelmatig werden we als een stuk speelgoed over het schip geslingerd, waardoor we ons heel goed leerden vastbinden. Het schip is tijdens drie verschillende gelegenheden bijna gezonken en alleen door de vasthoudendheid van kapitein Watson en de bemanning bleef de Farley drijven. Het schip brak door ijs, dat dik genoeg was om een ijsbreker in te schakelen en leek er niets aan over te houden.

in the ice Seal campaign 2005In het ijs tijdens de Zeehondencampagne in 2005

De leefomstandigheden waren op zijn minst Spartaans te noemen. We hadden één douche en twee toiletten voor de gehele bemanning. We hadden weinig geld; vaak moesten we maanden in de haven liggen tot we voldoende geld hadden om brandstof te kopen. Voor onze maaltijden waren we erg afhankelijk van de vrijgevigheid van andere mensen. Ook leek het ons alsof we ons altijd in de warmste gebieden van de wereld bevonden, waardoor het onderhoud van het schip nogal een uitdaging was.

the bridgeDe brug radio roomDe radiokamer

Ondanks dit alles heb ik maar weinig mensen ontmoet, die geen plezier hebben beleefd aan hun tijd op de Farley Mowat. Tot op de dag van vandaag spreekt de voormalige bemanning met trots over hun tijd aan boord van het schip. De Farley was meer dan een thuis; het was ons strijdros dat ons altijd naar het heetst van de strijd voerde. We hielden van dat schip en het schip zorgde voor ons, vaak strijdend tegen alle verwachtingen in.

Elke campagne zou de laatste zijn, omdat het schip aan zijn pensioen toe was. Maar schepen als de Farley Mowat zijn niet eenvoudig te vinden. Steeds weer begaven we ons aan boord voor een volgende ‘laatste campagne’. Ontelbare keren verwijderden we tussen 2005 en 2008 materiaal en waardevolle spullen, om ze daarna vervolgens opnieuw te monteren. Het leek wel of onze tegenstanders nog zenuwachtiger van ons werden door de naderende pensionering van ons schip. Het was al bekend dat Sea Shepherd uitdagingen niet uit de weg ging. Maar de combinatie van een vaartuig, dat niet meer terug hoeft te keren naar de haven, met een aantal gepassioneerde vrijwilligers, is blijkbaar een nog angstaanjagender idee (dat en de enorme blikopener die we aan boord hadden geïnstalleerd).

En zo zijn we weer terug bij onze Zeehondencampagne van april 2008. Twee opblaasbare boten met een elite-eenheid van de Royal Canadian Mounted Police, bewapend met (machine)geweren, kwamen onze kant op. Met hun vinger aan de trekker, klaar om te schieten bij de minste weerstand, enterden ze de Farley Mowat. We werden gearresteerd en overgebracht naar een ijsbreker van de kustwacht. Toen ik vanaf de ijsbreker naar beneden keek, moest ik wel even lachen. De elite-eenheid liet hun foto nemen terwijl ze poseerden voor ons Sea Shepherd logo, de schedel en gekruiste beenderen. Ik denk dat we diep van binnen allemaal wel piraten willen zijn.

Namens onze gehele organisatie feliciteer ik u van harte met uw verjaardag, meneer Farley Mowat. Bedankt dat wij ons legendarische schip naar u mochten vernoemen.

NOTA BENE: Tot op de dag van vandaag is de Farley Mowat een doorn in het oog van de Canadese regering. Elke dag dat de Farley afgemeerd ligt kost de Canadese regering geld, terwijl ze aan het bedenken is wat te doen met het vaartuig. Het pensioen van het schip heeft Sea Shepherd geen cent gekost, waarvoor we de Canadese regering graag bedanken. We zijn er blij om, dat zij begrijpt dat we ons geld beter kunnen besteden aan campagnes ter bescherming van zeedieren, zoals de Canadese zadelrob.

 

Evenementen:

5 & 6 maart 2017
Utrecht
25 maart
De Koog, Texel
8 april
Harlingen
6 mei
Podium Mozaïek, Amsterdam

Sites werldwijd:

Australië België Brazilië Canada Chili Duitsland Europa Frankrijk Galápagos Global Hongarije Italië Nieuw Zeeland Spanje Verenigd Koninkrijk Verenigde Staten Zwitserland

Top Tweets:


Andere vertalingen:


Fiscaal Voordeel:

ANBI Logo

Onze partner: