Verassing op verrassing: de voortdurende avonturen van de Farley Mowat

13 april 2011

Verassing op verrassing: de voortdurende avonturen van de Farley Mowat

Commentaar door Kapitein Paul Watson

The Farley Mowat on the Canadian ice floesDe Farley Mowat in de Canadese ijsvelden

Een schip uit de vaart halen kan een dure aangelegenheid zijn, tenzij je een manier vindt om iemand anders het vuile werk voor je te laten doen. Sinds 1992 heeft Sea Shepherd gebruik gemaakt van de diensten van de Canadese regering, eerst toen de Sea Shepherd II uit de vaart moest, en in 2008 weer, toen we de Farley Mowat uit de vaart lieten halen.

Het is een strategie met drie voordelen. Ten eerste is het een manier om van een schip af te komen dat ons tot last is geworden, zonder dat het ons iets kost. Ten tweede kan het gebruikt worden als een laatste publiciteitsinterventie, en ten slotte kan het een geschenk worden dat maar blijft verrassen.

Wat we in feite gedaan hebben is de Canadese regering tweemaal een dure verrassing geven. We krijgen hen zo ver dat ze het schip in beslag nemen en overtuigen hen ervan dat dit hun idee was. In eerste instantie voelen zij zich de zelfgenoegzame winnaars als ze verklaren dat er boetes en kosten berekend zullen worden. Deze zelfgenoegzaamheid verandert in verwarring wanneer ze zich realiseren dat wij niet van plan zijn de boetes en kosten te betalen. De verwarring verandert in schaamte als ze beseffen dat de kosten om het vaartuig te houden een last voor henzelf zijn geworden.

Een schip uit de vaart halen kan een dure aangelegenheid zijn, tenzij je een manier vindt om iemand anders het vuile werk voor je te laten doen. Sinds 1992 heeft Sea Shepherd gebruik gemaakt van de diensten van de Canadese regering, eerst toen de Sea Shepherd II uit de vaart moest, en in 2008 weer, toen we de Farley Mowat uit de vaart lieten halen.
Het is een strategie met drie voordelen. Ten eerste is het een manier om van een schip af te komen dat ons tot last is geworden, zonder dat het ons iets kost. Ten tweede kan het gebruikt worden als een laatste publiciteitsinterventie, en ten slotte kan het een geschenk worden dat maar blijft verrassen.

Wat we in feite gedaan hebben is de Canadese regering tweemaal een dure verrassing geven. We krijgen hen zo ver dat ze het schip in beslag nemen en overtuigen hen ervan dat dit hun idee was. In eerste instantie voelen zij zich de zelfgenoegzame winnaars als ze verklaren dat er boetes en kosten berekend zullen worden. Deze zelfgenoegzaamheid verandert in verwarring wanneer ze zich realiseren dat wij niet van plan zijn de boetes en kosten te betalen. De verwarring verandert in schaamte als ze beseffen dat de kosten om het vaartuig te houden een last voor henzelf zijn geworden.

Deze week werd de Farley Mowat aan de ketting gelegd in Lunenburg, Nova Scotia. Heel toepasselijk plakte de sheriff op 1 april een bevel tot beslaglegging op de deur van het stuurhuis, aan de overheidswerf waar het schip nu ligt.

De  Waterfront Development Corporation, een provinciale staatscorporatie, nam vorige maand juridische stappen tegen de ‘eigenaars en alle andere belanghebbenden van het schip’ .

Volgens de bij de rechtbank ingediende documenten eist de corporatie $29.410,96 aan onbetaalde liggelden tussen 6 maart en 15 december 2010. Als de betaling in gebreke blijft, vraagt de corporatie een bevel ‘tot waardebepaling en verkoop’ van het schip. Het schip is geen eigendom van Sea Shepherd dus het is niet ons probleem. De huidige eigenaren kochten het voor $5000,- bij een overheidsveiling, met de bedoeling om het te repareren en weer zeewaardig te maken. Maar ze hadden niet genoeg geld en lijken het schip in de steek gelaten te hebben.

Dus wederom zit de regering vast aan de taak een afgeschreven Sea Shepherd schip kwijt te raken. Dit drie jaar nadat de Canadese regering het schip in de Golf van St.Lawrence in beslag nam wegens het verstoren van de prestigieuze, glorieuze Canadese traditie van het doodknuppelen van babyzeehondjes.

Toenmalig Canadees minister van Visserij Loyola Hearn was een makkelijk te manipuleren politicus. Hij was een fervente, snel aangebrande Newfoundlandse voorstander van de zeehondenjacht en had gezworen die arme zeehondenjagers te beschermen tegen pestkoppen als wij, die de babyzeehonden tegen hun knuppels willen beschermen.

Daarom stuurde ik de Farley Mowat de ijsvelden in onder leiding van de Nederlandse kapitein Alex Cornelissen en de Zweedse eerste stuurman Peter Hammarstedt. Ik was niet aan boord omdat ik Canadees ben, en dat zou een excuus zijn voor de Canadese regering om mij op een legale manier aan het kruis te nagelen. Ik wilde een in Europa geregistreerd schip met een Europese bemanning om de zeehondenjacht onder de aandacht te brengen om zo te helpen bij de beslissing van de Europese Unie om zeehondenproducten te verbieden.

Zoals te voorspellen was reageerde Hearn overdreven en viel hij de Farley Mowat aan met een zwaar bewapend SWAT team van de Koninklijke Canadese Bereden Politie. We hadden niet om een beter publiciteitsscenario kunnen vragen. De beelden van hen, in vol gevechtsornaat zwaaiend met automatische wapens, waren onbetaalbaar.

De Farley Mowat werd in beslag genomen en kapitein Cornelissen en eerste stuurman Hammarstedt werden aangeklaagd voor de verschrikkelijke misdaad getuige te zijn van de afslachting van een zeehondenpup. De Farley Mowat betaalde hun borg ter waarde van  $10.000,- in Canadese 2-dollar munten, die wij Doubloons noemen omdat de Canadese 1-dollar munt een Loon, of Loony wordt genoemd, wat betekent dat de Canadese banken Loony Bins (gekkenhuizen) zijn.

Cornelissen en Hammarstedt mochten niet terugkeren naar Canada om terecht te staan omdat de Canadese immigratiedienst hen het land niet in wou laten. Daarom werd het proces zonder hen gehouden en kregen ze een boete van zo’n $45.000,-. Maar aangezien ze het land niet meer in konden, hoefden ze de boetes eenvoudigweg niet te betalen.
De overheid informeerde me toen arrogant dat ik een boete van $75.000,- moest betalen voor het terugkrijgen van het schip. Ik antwoordde dat ik niet geïnteresseerd was in het betalen van de boete.

Een jaar later stuurde de regering me een rekening van $750.000,- voor de kosten van de liggelden en de beveiliging van het schip. Ik negeerde de eis. Daarna zeiden ze dat ze me een boete van 1 miljoen dollar zouden geven als ik de kosten niet betaalde en het schip niet weghaalde. Ik negeerde de eis weer.

De overheid beval daarna dat het schip verkocht moest worden om de kosten te verhalen, zonder dit ook maar eerst bij een rechter te vragen. Ik vaardigde een mediabericht uit waarin ik stelde dat ik het schip als eigendom van Sea Shepherd beschouwde en dat als het verkocht werd, wij het terug zouden stelen.  Niet dat we het wilden hebben, maar we wilden elke aankoop ontmoedigen

The Farley Mowat awaiting her fate at a Canadian portDe Farley Mowat wacht haar lot af in de Canadese haven

Ten slotte werd het schip voor $5.000,- verkocht aan een milieuorganisatie in Oregon en daarom besloten we samen te werken met de nieuwe eigenaars. Helaas ging de nieuwe eigenaar failliet en werd het schip achtergelaten in Lunenborg, waar het nu ligt, wederom in beslag genomen, en waar het nog altijd deining veroorzaakt in de politieke zee en nog altijd het Canadese ministerie van Visserij en Oceanen in verlegenheid brengt.

Ons doel om de zeehondenkwestie in de Europese publiciteit te brengen werd bereikt en droeg inderdaad bij aan het besluit van de Europese Unie om zeehondenproducten te verbieden, waardoor de grond onder de voeten van de zeehondenindustrie afbrokkelde, en dat daardoor effectief gezien het einde betekent voor deze commerciële operatie. Sindsdien heeft de Canadese regering miljoenen uitgegeven in een vruchteloze poging het besluit van de Europese Unie terug te draaien.

Een ezel stoot zich in het algemeen..

De bureaucraten en politici van Canada staan niet bekend om hun intelligentie. De voorzitter van de Treasury Board, Stockwell Day, denkt dat de dinosaurussen uitstierven omdat ze niet op de ark van Noach pasten. De gouverneur-generaal eet graag rauwe zeehondenharten op televisie, voormalig premier Jean Chretien dacht dat pepperspray iets was wat je op je biefstuk doet, en oud-premier William Lyon MacKenzie King nam besluiten door te praten met de geest van zijn overleden moeder. Mijn eigen ervaring met de Canadese regering is hoe makkelijk zij twee keer in dezelfde truc trappen.

In 1992 beval Canada mijn schip, de Sea Shepherd II, naar de haven van Ucluelet op Vancouver eiland te gaan. Ik was vanuit het noorden van de Stille Oceaan onderweg naar Seattle, met de bedoeling het oude schip uit de vaart te halen, en ik was bezorgd dat het een paar honderdduizend dollar zou gaan kosten om dat te doen. Ik hoefde niet naar Ucluelet te gaan en de regering had geen legale autoriteit om me te dwingen, maar ik rook een kans en het schip ging de haven binnen met een loods, waar de Mounties en de Canadese douane zich direct op ons stortten. Ze brachten honden en een hele uitrusting mee om het schip volledig te doorzoeken op wapens en drugs. Ze vonden uiteraard niets en zeiden dat we vrij waren om te gaan. Maar de loods overhandigde me een rekening van $7500,-  aan loodsgelden. Ik vertelde de loods dat ik niet van plan was het geld te betalen, omdat ik de haven binnen was gegaan op verzoek van de Canadese regering.

De loods zei dat als ik niet betaalde, het schip niet mocht vertrekken. Ik herhaalde dat ik niet van plan was te betalen.

Ik stuurde ons schip de Sirenian naar de haven en we haalden alle waardevolle spullen van het schip en pompten de brandstof en olie eruit. Daarna lieten we de Sea Shepherd II voor anker liggen. De regering sleepte ons voor het gerecht om de loodsgelden maar we kwamen niet opdagen bij het proces en de rechter oordeelde dat we de helft moesten betalen omdat de loodsgelden voor het in- en uitgaan van de haven zijn, en we nooit weggegaan waren. Ik negeerde het oordeel van de rechtbank.

Daarna ging ik terug naar Ucluelet en verkocht het schip voor $5.000,- aan een vent in een bar. Helaas stierf hij zes maanden later in een ongeluk met een kajak en het schip bleef achter in de haven waar het anker een keer losbrak en het bijna de plaatselijke jachthaven uitschakelde. Uiteindelijk werd het schip na tien jaar de haven uitgesleept op kosten van de overheid en werd naar Victoria gebracht om daar te worden schoongemaakt en te worden afgebroken. Het hele verhaal kostte de overheid meer dan een miljoen dollar en dat allemaal omdat ze ons een boete van $7.500,- in de maag wilden splitsen..

Achttien jaar later zijn ze wederom in dezelfde tactiek getrapt.

Als ik nog eens een ander schip uit de vaart moet halen ben ik benieuwd of ik nogmaals van de diensten van de Canadese overheid gebruik kan maken. Ik wed dat het me lukt. De huidige minister van Visserij, Gail Shea, is nog dommer dan alle vorige ministers van Visserij bij elkaar. Onlangs verhoogde ze de zeehondenquota naar bijna een half miljoen, ondanks dat er geen markt is voor hun pelzen. Zelfs de zeehondenjagers schudden het hoofd hierover, omdat zij weten dat het geen zin heeft zeehonden te vermoorden als je hun pels niet kunt verkopen. Maar Shea is in Ottawa en in Canada ben je dan zo ver van de realiteit verwijderd als het maar kan.

 

Evenementen:

28 mei
Hilversum
17 & 18 juni
Vorden
23 & 24 juni
Ysselstein

Sites werldwijd:

Australië België Canada Chili Duitsland Europa Frankrijk Galápagos Global Hongarije Italië Nieuw Zeeland Spanje Verenigd Koninkrijk Verenigde Staten Zwitserland

Top Tweets:


Andere vertalingen:


Fiscaal Voordeel:

ANBI Logo

Onze partner: