Biostituees zinken laag voor de zalmzeveraars

15 december 2010

Biostituees zinken laag voor de zalmzeveraars

Commentaar door Kapitein Paul Watson

Het probleem met de mariene biologie vandaag de dag is dat deze is gevuld met academici die zo wanhopig zijn voor subsidies en financiering dat ze wetenschappelijke objectiviteit achter zich laten en bedrijfshoeren worden, of zoals ik ze noem “biostituees”. Canada heeft er ook de nodige, voornamelijk werkzaam bij het Canadese Departement voor onfrisse zaken, ook wel bekend als de Federal Department of Fisheries and Ocean (DFO).

En nu is er een recent gepubliceerd artikel dat voor de zalmkweek hetzelfde betekent als de ontkenners van de opwarming van de aarde betekenen voor de klimaatverandering. Met andere woorden, terwijl de meerderheid van de wetenschappelijke artikelen en studies aan de ene kant van de weegschaal beweren dat zeeluizen schade aan het milieu veroorzaken, legt de zalmindustrie nu één enkele studie aan de andere kant van de weegschaal en stuurt mediaberichten uit die zeggen “kijk, we hebben nu ‘wetenschappelijk bewijs’ dat zalmluizen de wilde zalm niet schaden”.’

Dit rapport, door Gary Marty van de universiteit van Californië in Davis, Sonja Saksida van de British Columbia Centre for Aquatic Health Sciences, en Terrance Quinn, resource management specialist van de universiteit van  Alaska, stelt met zekerheid dat er geen direct verband is tussen het aantal luizen in zalmkwekerijen en de daling van wilde zalm populaties.
Met andere woorden, zeeluizen van zalmkwekerijen voor de kust van Brits Columbië zijn niet verantwoordelijk voor  de dramatische daling van wilde zalmpopulaties aan de westkust. Hoe zijn zij tot deze diepgaande conclusie gekomen? Ze hebben ‘industriedata’ gekregen die nooit eerder beschikbaar waren voor wetenschappers.

Dat komt zo… laten we zeggen, ongelooflijk goed uit! Natuurlijk is de zalmindustrie begrijpelijkerwijs verheugd dat deze ‘bevindingen’ zijn gepubliceerd in de verslagen van de National Academy of Sciences.

Eén enkele studie, in tegenstelling tot de vele anderen, vertegenwoordigt een markante afwijking van de almaar groeiende berg onderzoeken die de van viskwekerijen afkomstige zeeluizen aan hebben gewezen als de hoofdverdachten voor de afname van wilde pacifische zalm in Brits Columbië.

Vertegenwoordigers van de bedrijfstak roepen dat dit artikel de houding van het publiek dat bezorgd was voor de impact van zalmkwekerijen op wilde zalm, zal veranderen. De hoofdauteur, Dr. Marty, zei dat de onderzoekers toegang hadden gekregen tot nog ongekende gedetailleerde gegevens over visgezondheid en kwekerij productiviteit van 26 viskwekerijen in de Broughton archipel, ten noordoosten van Vancouver Island.

De gegevens, die de industrie eerder weigerde vrij te geven aan onderzoekers, behelzen tien jaar aan informatie over gezondheid en twintig jaar aan informatie over productiviteit, en zijn vergeleken met zestig jaar aan gegevens die de terugkeer van de wilde roze zalm in nabijgelegen rivieren lieten zien. Ik vraag me af waar deze gegevens al die jaren zijn geweest. Als ze zo goed zijn voor de argumenten van de industrie, waarom zijn ze dan geheim gehouden voor de echte onderzoekers en alleen aan de wetenschappelijke lievelingen van de zalmindustrie getoond? Hoe komt het dat deze gegevens nooit aan bijvoorbeeld Dr. Alexandra Morton zijn getoond?

“De gegevens van de roze zalmpopulaties in de Broughton archipel en experimenten met zeeluizen sluiten aan bij de conclusie dat de meerderheid van de sterfgevallen onder roze zalm wordt veroorzaakt door iets anders dan zeeluizen, en onze kwekerijgegevens ondersteunen de conclusie dat kwekerijluizen de productiviteit van de roze zalm niet significant verlaagden in de afgelopen tien jaar”, stelt het artikel, dat bewerkt werd door Carl Walters, een visserijonderzoeker aan de universiteit van Brits Columbië.

Dr. Walters beweert een adviseur te zijn voor resource managers en heeft in zijn eigen woorden gezegd: “Ik werk voornamelijk aan dynamiek van vispopulaties, beoordeling van de visserij en duurzaam beheer”. Hij heeft ook gezegd dat hij gelooft dat de kern van de visserij het beheren van de oogst is. “De hoofdlijn van mijn onderzoek is erachter te komen hoe we beheersystemen kunnen ontwerpen die robuust zijn in een gebied waar zeer grote onzekerheid over is.”
Nou, we kunnen zien waar hij op doelt dus oke, laten we eens kijken naar de woorden in de studie. Ik ben geen wetenschapper, maar ik ben schrijver en ik ga veel om met woorden en een paar daarvan springen direct in het oog als rode vlaggen. Zoals “iets anders” zonder duidelijke beschrijving van wat “iets anders” is, en “de productiviteit van de roze zalm niet significant verlaagden”. Wat betekent het woord “significant” precies? Het zegt niet dat de zalmluizen niet schadelijk zijn voor de wilde zalm, eigenlijk suggereren ze dat ze dat wel doen, maar niet “significant”. Dit is zoiets als zeggen dat kogels die willekeurig in een klaslokaal werden afgevuurd “het aantal studenten niet significant omlaag heeft gebracht, maar slechts een paar studenten heeft vermoord”.

Natuurlijk zei Dr. Marty, die heeft gewerkt voor de viskwekerij-industrie in de Verenigde Staten, (wat een verrassing!) dat de bevindingen betekenen dat de eis van milieuactivisten om viskwekerijen te verplaatsen uit de migratieroutes van wilde zalm, niet gerechtvaardigd zijn. Maar hij vergat duidelijk de chemische, hormonale en fecale verontreiniging te vermelden die van deze kwekerijen afkomt, of het ontsnappen van exotische zalm het ecosysteem in, of een paar dozijn andere problemen. Dit kan de lezer doen geloven dat alleen zalmluizen enige overweging waard zijn, en eenmaal door hen erkend als onbeduidend, dan hup, probleem opgelost, dus haal Dr. Morton van onze nek.

Ik was ook niet vreselijk geschokt door de ontdekking dat Sonja Saksida van de British Columbia Centre voor Aquatic Health Sciences ook voor de zalmindustrie werkt. Natuurlijk weet ik zeker dat dit slechts toeval is. “Gebaseerd op het gebrek aan bewijs voor een significant negatieve relatie tussen kwekerijvis en productiviteit van roze zalm ondersteunen de gegevens niet de hypothese dat het scheiden van kwekerijvis van wilde vis de overleving van roze zalm zal doen toenemen”, stelt ze.

Ik ben benieuwd wanneer de cheques in hun brievenbussen aankomen.
Echter, in het artikel staat dat een heel groot aantal zeeluizen in viskwekerijen wordt gevonden, waaronder twee kwekerijen die een geschat aantal van 18,7 milioen luizen hadden in één maandelijkse controle. Dat zijn verdomd veel luizen! Ik weet dat als ik door een kamer zou lopen vol mensen met luizen, dat ik dan net zo bezorgd zou zijn als ik nu ben voor de jonge zalmen die langs deze gruwelijke kwekerijen moeten zwemmen waar luizen hen kunnen aanvallen. Dr. Marty geeft toe dat er weinig twijfel aan bestaat dat zeeluizen in de lente, wanneer de jonge zalmen voorbij trekken op hun weg naar de open oceaan, van kweek- naar wilde vis oversteken.

Het artikel vermeldt niet de impact van de zalmluis of luizen op een jonge zalm, noch het feit dat jonge zalm dood kan gaan aan een luisbesmetting (in plaats daarvan legt hij de schuld bij de wilde zalm voor het verspreiden van luizen naar de zalmkwekerijen).  Noch onderzoekt het artikel de mogelijkheid dat zeeluizen de oorzaak kunnen zijn van het verspreiden van ziekteverwekkers die zalm doden door ziekte, vergelijkbaar met de luizen op ratten die de pest verspreidden naar mensen. Terwijl het niet de luizen zelf hoeven te zijn, kunnen het de ziekteverwekkers zijn die zij bij zich dragen.

Ik vraag me af of mensen die deze chemisch behandelde, op hormonen grootgebrachte vissen eten, beseffen dat het vlees van deze zalmen kunstmatig roze is geverfd met kleurstoffen in hun voeding en dat ze zijn grootgebracht in afgrijselijk drukbevolkte omstandigheden, waar ze worden besmet met luizen. Dit beeld is bijna net zo smakelijk als het vinden van maden in uw burger of wormen in uw worstjes.

De “wetenschappers” beweerden natuurlijk dat ze geen idee hadden wat de afname in wilde zalm veroorzaakt, maar klaarblijkelijk is dat niet iets waar zij zich bezorgd om maken. Alles wat hun klanten nodig hebben is een soort van “wetenschappelijke geloofwaardigheid”, maakt niet uit hoe zwak, voor hun ecologisch schadelijke industrie.

Vreemd genoeg sprak Dr. Saksida zichzelf in haar eigen rapport tegen door te zeggen “Zeeluizen zijn één onderdeel om te overwegen, maar we hebben een bredere blik nodig op wat er gaande is.” Niemand heeft ooit beweerd dat zeeluizen alleen verantwoordelijk zijn voor de afname van de aantallen wilde zalm. Milieuactivisten hebben altijd gezegd dat zeeluizen een bijdragende factor zijn en hier hebben we de bedrijfswetenschappers die hetzelfde zeggen maar in andere woorden, zodat ze kunnen voldoen aan de eisen van de industrie voor een soort van wetenschappelijke validatie.

Dr. Alexandra Morton, een onderzoeker en milieuactivist die artikelen heeft gepubliceerd in wetenschappelijke tijdschriften over de negatieve impact van zeeluizen op wilde zalm, heeft verklaard dat zij niet overtuigd is door het onderzoek en dat de bevindingen dramatisch tegen haar eigen bevindingen ingaan. “Ik heb een uitgebreide studie gedaan naar de gevolgen van zeeluizen op jonge wilde zalm en ik zag hoe deze vissen stierven. Niemand kan mij van iets anders overtuigen. Het is iets dat ik zelf heb waargenomen”, zei ze. “Ik denk dat elke  vispatholoog naar deze vissen zou kijken (besmet met zeeluizen) en zeggen dat ze ernstig in het gedrang zijn. En dus zou dit artikel ons echt een idee hebben moeten geven van wat deze vissen gedood heeft. Om slechts aan te geven dat het iets anders was is denk ik, nou ja, gewoon niet geloofwaardig,” zei Morton.

Clare Backman, directeur voor de naleving van milieuwetgeving voor Marine Harvest Canada, het grootste aquacultuurbedrijf van Brits Columbië, is niet van plan Dr. Morton de stemming te laten bederven en heeft gesteld: “de studie bevat welkom goed nieuws voor de viskwekerij industrie”. Oh, dat weten we wel zeker, Clare!

“Dit artikel draait het argument aanzienlijk om”, zegt Backman, wiens bedrijf verantwoordelijk is voor meer dan de helft van de 80.000 ton verse zalm die jaarlijks geproduceerd wordt in Brits Columbië. Hoor ik daar een refrein van belangenverstrengeling door de academische wandelgangen echoën? O ja, ik hoor het – luid en duidelijk, als een doodsklok voor de wilde zalm. “Dit rapport biedt tegenwicht aan de simplistische bewering dat zeeluizen van zalmkwekerijen de oorzaak zijn van de afname van sommige van de pacifische voorraden,” zei hij.

Nu, heer Backman, zeg mij na, “Niemand zei dat zalmluizen de ENIGE oorzaak zijn van de afname van wilde zalm. We zeggen dat zalmluizen een belangrijke bijdragende factor zijn”.

Niet dat het iets zal helpen. Hij moet verantwoording afleggen aan een Raad van Bestuur en aan de aandeelhouders. Oh, en een paar cheques uit schrijven voor de klus die geklaard is door zijn trio van “biostituees”, die schaamteloos nog steeds naar zichzelf verwijzen als “wetenschappers”.

 

Evenementen:

28 mei
Hilversum
17 & 18 juni
Vorden
23 & 24 juni
Ysselstein

Sites werldwijd:

Australië België Canada Chili Duitsland Europa Frankrijk Galápagos Global Hongarije Italië Nieuw Zeeland Spanje Verenigd Koninkrijk Verenigde Staten Zwitserland

Top Tweets:


Andere vertalingen:


Fiscaal Voordeel:

ANBI Logo

Onze partner: